Zoek:

Opinie: Slimme fabrieken zijn domme investeringen zonder design op mensenmaat

Opinie

Slimme fabrieken

zijn domme investeringen

zonder 

design op mensenmaat

Opinie: Slimme fabrieken zijn domme investeringen zonder design op mensenmaat

Wie de laatste jaren in Vlaanderen naar een nieuwjaarsreceptie of conferentie van eender welke werkgeversorganisatie, tech-instelling of sectorfederatie ging, kon niet ontsnappen aan toespraken over 'Industry 4.0'. Dit concept, begin 2011 gelanceerd in Duitsland, draaide om slimme fabrieken: sensoren, data, automatisering en efficiëntie. Een noodzakelijk antwoord op de vraag hoe we de westerse maakindustrie kunnen laten concurreren met de lageloonlanden.  De vraag “hoe maken we de fabriek slimmer” was echter onvolledig. Er werd niet gevraagd: voor wie?

Pascal Cools

04 november 2026

4 minuten leestijd

FLANDERS DC 2024 PASCAL COOLS 4
Pascal Cools @ Damon De Backer

Wie vandaag nog enkel over slimme fabrieken praat, kijkt achteruit. De Europese Commissie bracht in 2021 een policy brief uit die een tweede laag toevoegde. Industrie moet niet alleen produceren en groeien, maar ook bijdragen aan maatschappelijke doelstellingen. Zo werd 'Industry 5.0' geboren. Drie pijlers staan daarbij centraal: een industrie moet human-centered zijn, op de werknemer en het welzijn van de mens in het algemeen gericht; de industrie respecteert de grenzen van onze planeet en zoekt circulaire processen en business modellen; en de industrie moet veerkrachtig en wendbaar zijn om met crisissen om te kunnen gaan. Kort gezegd: de vraag verschuift van 'wat kan technologisch?' naar 'wat is wenselijk voor mens en planeet?' De achterliggende gedachte is eenvoudig: technologie is een middel, geen doel. We gaan van 'Wat kan er?'naar 'Wat hebben we nodig?'. 

Dat die vraag vandaag moeilijker ligt, valt niet te ontkennen. De combinatie van een omstreden man in Washington, een tsaar in Moskou én de Chinese overcapaciteit heeft het Europese discours recent weer wat verschoven. Men spreekt nu over vereenvoudiging en versoepeling, snelheid van handelen en concurrentievermogen. Het risico is reëel dat 'mensgericht' en 'rekening houden met de planeet' wordt afgedaan als luxe voor betere tijden, iets wat we ons pas kunnen veroorloven na de volgende crisis.

Op korte termijn wil ik dat zeker nog wel snappen met de bommen die vallen en energieprijzen die van een tripje naar de bomma in de Kempen een luxe uitgave maken. Maar op lange termijn kan dat niet standhouden. Zelfs met vertraging dendert de Europese trein van verordeningen rond ecodesign en circulariteit immers door (en uw kinderen gaan daar later blij om zijn). Digitale productpaspoorten of de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid: onze bedrijven worden er vandaag mee geconfronteerd. Schaarse en dure grondstoffen maken dat je op zoek moet naar hernieuwbare materialen. De rolverdeling op de werkvloer tussen AI en zijn menselijke collega’s gaat de debatten in de toekomst domineren. Neem een AI-systeem dat onderdelen afkeurt: ziet de operator niet waarom en kan hij niet bijsturen dan volgt hij het blind, wat niet goed is, ofwel omzeilt hij het, en dan levert de investering niets op. Een slimme fabriek zonder design op mensenmaat is zo een domme investering.

Vlaanderen kan gewoon ook niet op schaal of goedkope energie winnen, zelfs niet met slimme fabrieken. We winnen op kwaliteit, vakmanschap, creativiteit en het vermogen om complexe producten te maken of complexe diensten aan te bieden. Die sterktes zitten in mensen, niet in machines. 

Waar Industry 5.0 vaak vastloopt, is in de vertaling van mooie principes naar de werkvloer. Precies daar kan design een co-architect zijn, en niet alleen de afwerker aan het eind van het traject. Human-centered werken, rekening houden met de beperkingen van onze omgeving en snel nieuwe oplossingen zoeken en testen is de kern van designdenken. Designers en ontwerpend onderzoekers werken daarbij met methodes die technologiegedreven organisaties vaak missen: observatie van hoe mensen echt werken,  co-creatie met werknemers en klanten, snel prototypen in plaats van lang plannen. 

Dat levert concrete dingen op. Design zorgt voor intuïtieve interfaces voor cobots en AI-systemen zodat de mensen controle kunnen houden of voor werkplekken die ook voor oudere of minder mobiele werknemers werkbaar zijn. Op productniveau zorgt design voor demonteerbaarheid, herstelbaarheid en materiaalkeuzes die circulaire en lokale productie mogelijk maken. Goed design brengt het digitale op zo’n manier in de fysieke wereld, dat mensen de technologie echt willen en kunnen gebruiken. Brand design zet die innovatie in de markt. Service design kan ook het businessmodel achter Industry 5.0 helpen vormgeven. Wie producten wil laten herstellen, terugnemen en hergebruiken, moet niet alleen het product herontwerpen maar ook de relatie met de klant: wie blijft eigenaar, wie onderhoudt, wie betaalt waarvoor? Op Schiphol betaalt de luchthaven sinds 2015 voor het licht dat ze gebruikt, terwijl Philips eigenaar blijft van de armaturen. Daarmee verschuift de prikkel van zo veel mogelijk verkopen naar zo lang mogelijk bruikbaar houden. 

Daarvoor moeten ontwerpers wel aan tafel zitten waar de keuzes vallen én voordat de keuzes vallen. Onze maakindustrie in Vlaanderen loopt achter in het integreren van designoplossingen in hun werking. Aan elke bedrijfsleider, sectorfederatie en beleidsmaker dan ook de uitnodiging om na te denken over hoe design en designers in te schakelen. Als je niet weet waar of hoe te beginnen, spreek ik graag een keer af.

Lees meer over hoe design een motor voor innovatie kan zijn.

Pascal Cools is algemeen directeur van Flanders District of Creativity. Met de vinger aan de pols van de design- en modesector deelt hij graag zijn mening.

INNOVEREN

MET

DESIGN

Comate 5

Innovatie start met design

Flanders District of Creativity werkt mee aan een toekomst gebouwd op doordacht design. Want ontwerpen — van producten en diensten tot strategieën en visies — is vorm geven aan een betere wereld.

We tonen je hoe design kansen zichtbaar maakt, vernieuwing op gang brengt en je organisatie helpt versnellen richting een duurzamere toekomst. Daarbij koppelen we je aan de juiste design- en innovatiepartners, zodat je samen producten, diensten en systemen ontwerpt die echt passen bij jouw uitdaging. Zo bouwen ondernemingen en organisaties aan oplossingen waar gebruikers voor kiezen, versterken ze hun concurrentiekracht en blijven ze wendbaar, digitaal en duurzaam klaar voor wat komt.